Chocola, vijgen en tamme kastanjes

‘Heb je weer gefoerageerd?’ vraagt mijn man als ik uit het bos kom.  Deze keer zijn het tamme kastanjes. En ik wil ze gaan gebruiken voor een recept voor een koek, samen met vijgen en chocola. Hmm, om je vingers bij af te likken.

Kastanjes:
Raap een paar handen vol kastanjes in het bos. Was ze goed, snij de bovenkant in. Overgiet de kastagnes met kokend water en kook de kastanjes 15 minuten. Giet ze af, laat ze iets afkoelen en pel de kastanjes uit hun jasje.
Ingrediënten:
– 225 g pure chocolade
– 150 g boter, in blokjes
– 2 eieren en 1 eidooier
– 45 g fijne kristalsuiker
– 120 g gekookte gepelde kastanjes, grof gehakt
– 120 g zachte gedroogde vijgen, steeltjes verwijderd, grof gehakt
– 120 g witte chocolade, grof gehakt
Bodem:
– 200 g volkorenbiscuits
– 100 g boter, gesmoltenBereiden:

1.    Verwarm de oven voor op 150′ C. Vet een vierkant bakblik van 20 cm in en bekleed de vorm met bakpapier.
2.    Doe de biscuits in je keukenmachine en verkruimel ze, voeg de gesmolten boter toe en meng nog even. Druk het in de vorm uit tot een stevige, gelijkmatige laag, dit gaat het beste met de achterkant van een lepel. Laat de bodem in de koelkast opstijven.
3.    Hak de chocolade grof en doe ze met de boter in een vuurvaste schaal. Zet boven een kom heet water (de bodem mag het water niet raken) en laat de chocolade en de boter onder af en toe roeren met een houten lepel au bain marie smelten. Neem de kom als het gesmolten is direct van de pan, zodat hij niet te heet wordt.
4.    Klop met de mixer de eieren, de dooier en de suiker in een kom tot een bleke, dikke massa. Spatel luchtig de chocolade door de eimassa, gevolgd door de kastanjes, vijgen en witte chocolade.
5.    Strijk het mengsel uit op de biscuitbodem en bak de koek 25 minuten. Een in het midden gestoken satéprikker moet eruit komen met vochtig kruim, net zoals bij brownies. Laat de koek niet verder gaar worden. Haal hem uit de oven, laat hem afkoelen en daarna in de koelkast een paar uur opstijven.

6.    Til de koek uit de vorm en snijd hem in repen of vierkantjes en bestuif ze eventueel met cacao.

Bron: “Het Kookboek” Yotam Ottolenghi